Kussenblokken

De ZOLLERN kussenblokken zijn kwaliteitsglijlagers naar DIN 31690, 31693 en 31694 voor een breed toepassingsgebied (elektromachines, ventilators, turbines en proefstanden). Bij de verschillende lagertypes werd consequent het modulaire bouwprincipe toegepast, d.w.z. de verschillende bouwstenen uit het modulaire bouwsysteem kunnen onderling worden gecombineerd. De constructie van de kussenblokken is bijzonder montagevriendelijk, daar de positie van de bouten en pennen verkeerde montage praktisch geheel uitsluit.

De kussenblokken van ZOLLERN zijn onder de benaming Z-lager op de markt verkrijgbaar. De verschillende types van deze Z-lagers zijn:

  • Staande lagers
  • Flenslagers en
  • Middenflenslagers

[Translate to Dutch:] Beside this standard Z-bearings ZOLLERN offers the ZT-line for hight thrust loads up to 2.500 kN or special design bearings.

Lagerbehuizing
De geribbelde Z-lagerbehuizingen worden uit nodulair gietijzer GGG 40 vervaardigd en garanderen een optimale warmteafvoer. De bolvormige lagerschaalafsteuning is zo gekozen, dat de optredende krachten gelijkmatig in het onderste gedeelte van de behuizing worden ingevoerd. Om die reden zijn deze behuizingen geschikt voor zware lasten. Aan beide zijden zijn aansluitdraadboringen voor de temperatuur- en oliepeilbewaking en afvoer en olietoevoer voorhanden. Naar wens kunnen oliekoeler en versnellingsopnemer door eenvoudige montage aan de behuizingen worden aangebouwd.

Lagerschalen
De lagerschalen steunen op een boloppervlak in de lagerbehuizing en worden uit een staalsteunlichaam vervaardigd, dat met witmetaal met een hoog tingehalte is uitgegoten. Deze constructie weet door probleemloze montage en lange levensduur te overtuigen. In de meeste gevallen worden lagerschalen met cilindrische boring en losse smeerring gebruikt. Naar keuze kan tevens een oliekoeler in de oliebak worden toegevoegd of een aansluiting aan een oliecirculatie-installatie worden gemaakt. Naargelang het type axiale belasting zijn lagerschalen zonder axiaaldeel, of met kopaanloopvlakken voor de opname van geringe, niet continu optredende axiaalkrachten en schalen met ingewerkte axiaalwigvlakken voor gemiddelde axiaallasten mogelijk. Voor maximale axiaalkrachten worden lagerschalen met ronde axiaalkipsegmenten gebruikt.

Olietoevoer
De smering geschiedt via een losse smeerring. Tevens kan het lager aan een oliecirculatiesmering worden aangesloten. In dit geval neemt de smeerring de noodloopsmering over, om bij uitval van de olieinstallatie een schadevrij stilzetten te garanderen. Z-lagers met losse smeerring worden ook op schepen gebruikt.

Asafdichtingen
De afdichtingen worden naargelang de bedrijfsvoorwaarden resp. de vereiste veiligheidsklasse gekozen. Voor standaardtoepassingen worden Z-lagers met losse labyrintafdichtingen (IP44) uit hittebestendige, vezelversterkte kunststof gebruikt. Lagers met een hoge oliedoorzet worden voorzien van instelbare kamerafdichtingen (IP44). Deze beide types afdichtingen kunnen, indien sterk onderhavig aan stof of straalwater resp. in aanwezigheid van roterende delen in de directe omgeving van het lager, worden uitgerust met kamerafdichtingen (IP55) of labyrintringen (IP54). Deze worden ervoor geschroefd. Ook speciale afdichtingen met een hogere veiligheidsklasse of drukafdichtingen enz. zijn naar wens leverbaar. Indien het uiteinde van de as in het lager ligt, kan een sluitdeksel worden geleverd.

Elektrische isolering
Ter vermijding van zwerfstromen worden Z-lagers ook in geïsoleerde uitvoering geleverd. Daartoe wordt de bolvormige lagerschaalzitting met een slijtvaste, temperatuurbestendige en isolerende kunststof gecoat.

Type olie
Normaal gesproken kunnen de gangbare minerale oliën met geringe schuimvorming en goede verouderingsbestendigheid worden gebruikt. De viscositeitsklasse voor de betreffende toepassing wordt aan de hand van computerberekeningen bij de offerte bepaald.

Lagertemperatuurbewaking
Ter bewaking van de lagertemperatuur kunnen thermometers in alle uitvoeringen worden gebruikt. Welk type geschikt is, hangt niet in de laatste plaats van de wijze van aanduiding af (direct display, centraal display en bewaking, aansluiting aan een registratieapparaat). Het is tevens mogelijk om twee onderling onafhankelijke temperatuurvoelers in te bouwen.